Beschouwing startnotities

Algemene beschouwing over de Startnotitie voor het omgevingsprogramma, uitgesproken door Erna Wegman namens de fractie van GGS op donderdag 30 maart jl.

De Omgevingswet gaat in per 1 januari 2024

Nederland heeft een groot aantal wetten en regels die gaan over hoe onze omgeving ingericht mag worden. Dat is best onoverzichtelijk en er soms ook tegenstrijdig. De overheid heeft daarom één grote nieuwe wet gemaakt, de Omgevingswet. Het heeft jaren geduurd en de invoering werd vaak uitgesteld, maar per 1 januari 2024 is het zover.

Met de invoering van de wet is het de bedoeling dat de gemeenteraad op een hoger, meer strategisch niveau gaat sturen. De gemeenteraad gaat over de ‘wat’ en stelt daarvoor een visie op. Het college gaat over het ‘hoe’ en stelt daarvoor programma’s op.

In 2021 heeft Soest al een visie opgesteld en de ambtenaren zijn nu druk bezig met het opstellen van de programma’s over wonen, werken, mobiliteit, water, groen en landschap en de energietransitie in Soest. Afgelopen week besprak de gemeenteraad de startnotities die het college hiervoor had opgesteld.

Wat vindt GGS van de startnotities

We hebben echt de tijd nodig gehad om deze startnotities te kunnen doorgronden. Het zijn interne projectdocumenten waaruit af te lezen is dat de ambtenaren al een boel werk hebben geleverd. Na een presentatie gevolgd door een ‘tafeltjesavond’ kwamen de notities voor ons tot leven. We leerden dat er waardekaarten worden opgesteld die de impact op de leefomgeving voor alle programma’s inzichtelijk maken. Geografische informatie vormt de basis, aangevuld met kwalitatieve informatie en uitkomsten uit het participatietraject dat gaat volgen. Deze waardekaarten zullen laten zien waar de knelpunten tussen de programma’s zitten. Want dat weten we zeker: de doelen uit de programma’s bijten elkaar. We willen wonen, werken en Soest moet bereikbaar blijven. Maar als we niet nú inzetten op het bestrijden van de klimaatcrisis (waarover de programma’s water, groen en landschap en energietransitie gaan) dan is onze woonomgeving straks onleefbaar.

GGS vindt daarom dat het besluiten over de dilemma’s die de waardekaarten opbrengen hoort bij de gemeenteraad en niet bij het college van B&W. Omdat de omgevingswet nieuw is, is niet altijd duidelijk wie welke bevoegdheid heeft. Het college heeft de raad beloofd dat het dit gaat uitzoeken.

Ook heeft GGS benadrukt dat het graag waardekaarten van een goede kwaliteit wil. Het lijkt ons wenselijk de kaarten te voorzien van verwijzingen naar achterliggende bronnen, zoals dit ook bij de begroting en bij de startnotities is geschied.

Agrarisch natuurlandschap

De in 2021 vastgestelde omgevingsvisie ziet onze polder als een agrarisch natuurlandschap. GGS hecht waarde aan deze term en heeft aan het college gevraagd om snelheid te maken met de invulling hiervan. Dit vinden we belangrijk omdat het ons en onze boeren gaat helpen bij de aanpak van de stikstofcrisis.

Gebruik van de duurzame doelen

De gemeenteraad en het college hebben met elkaar afgesproken dat de “sustainable development goals” van de VN de komende jaren gebruikt gaan worden om inzichtelijk te maken hoe Soest werkt aan duurzaamheid. In de startnotities kwam het college met een mooi afwegingskader op basis deze duurzame doelen: de “wedding cake”. Want het plaatst de zeventien duurzame doelen in drie lagen waarbij de onderste laag het belangrijkst is. Deze laag gaat over leven op land en in water, de kwaliteit van water en het bestrijden van de klimaatcrisis. Dit is de fundering waarop de rest gebouwd is. GGS is het hier hartgrondig mee eens en vindt het een goed idee als dit model gebruikt gaat worden voor onze besluitvorming straks (in september 2023).

De komende tijd plaatsen we meer artikelen op onze website over de zes programma’s die het college gaat opstellen, houd het in de gaten!

De fractie bijdrage per startnotitie:

Werken door Annemarieke Weith-Pomp
Groen en landschap door Tim de Wolf
Wonen door Jan Paauw
Mobiliteit door Cees Paul
Water, riolering en klimaatadatatie door Tim de Wolf

Erna Wegman Handtekening

Erna Wegman

Raadslid

Aandachtsgebieden: Financiën, Werk en inkomen

Verduidelijking wat wordt bedoeld met ‘Winkelaanbod’

Normen voor winkelaanbod in Nederland omvatten wettelijke regels voor winkels.

Belangrijkste normen en richtlijnen:

  • Winkeltijdenwet: Openingstijden: winkels zijn in principe gesloten op zon- en feestdagen en tussen 22.00 en 6.00 uur. Gemeenten kunnen hierop uitzonderingen maken via een verordening.
  • Product- en verkoopregels: Productveiligheid: ondernemers moeten voldoen aan regels van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) voor etikettering en productveiligheid. Daarnaast geldt een informatieplicht over prijzen, garantie en productkenmerken.
  • Huisregels: Winkeliers mogen eigen huisregels opstellen, zoals een verbod op eten/drinken, verplichte mandjes, of tassencontroles.
  • Veiligheid: Het is essentieel dat de winkel veilig is ingericht en, indien noodzakelijk, ruimte biedt voor 1,5 meter afstand. Voor horeca zijn andere richtlijnen vastgesteld.
  • Online aanbod: Webshops moeten voldoen aan vermelding van KvK-nummer, btw-nummer en een fysiek adres.

Om rekening mee te houden in de toekomst

  • De winkelgebieden in onze gemeente worden goed bezocht voor zowel de dagelijkse boodschappen als meer uitzonderlijke aankomen (winkelen). Van onze inwoners winkelen de meeste mensen bij Winkelpromenade Soestdijk (53%) en Soest-Zuid (38%), gevolgd door online winkelen (33%);
  • Onze inwoners winkelen minder vaak regionaal. Respectievelijk 18 en 7 % winkelt in Amersfoort en Utrecht;
  • De inwoners van Soest en Soesterberg gaan voornamelijk met de auto naar de winkelgebieden;
  • Gratis parkeren is een belangrijk aspect voor het kiezen van een winkelgebied in onze gemeente;
  • Parkeren/parkeernorm zijn vaak een belemmering voor nieuwe ontwikkelingen (vergroting winkelaanbod);
  • In Winkelpromenade Soestdijk is er een tekort aan parkeerplaatsen. In Soest-Zuid en de Rademakerstraat is de parkeerdruk minder hoog;
  • Er is een gebrek in alle winkelgebieden aan openbare toiletvoorzieningen;
  • Supermarkten blijven de trekkers voor alle winkelgebieden in Soest. Nieuwe (concurrerende) supermarkten verhogen de aantrekkingskracht van de winkelgebieden.
  • ‘Pick-up points’ (voor ‘online’ gekochte producten) in- of bij bestaande winkelcentra en supermarktlocaties stimuleren combinatiebezoek en leiden daarmee tot meer omzet voor de plaatselijke winkels.

Verduidelijking wat wordt bedoeld met ‘Wijkwethouders”

De (vier) wethouders van Soest krijgen naast hun portefeuilles (zoals bijvoorbeeld wonen, verkeer en ruimtelijke ordening) ook wijken van Soest en Soesterberg toebedeeld. Voor deze wijken zijn zij de ‘wijkwethouder’. Zij vormen een direct aanspreekpunt voor de inwoners van deze wijk met het college van Burgemeester en Wethouders.

Wijkwethouders gaan samen met u de wijk in tijdens een wijkschouw en zijn bij evenementen of andere gebeurtenissen in uw wijk.

Inwoners kunnen met vragen en ideeën bij hun wijkwethouder terecht.

U kunt met alle onderwerpen en ideeën over uw wijk terecht bij uw wijkwethouder. In sommige gevallen kan dit een onderwerp zijn wat ook in de portefeuille van uw (wijk)wethouder valt. Het lijntje tussen inwoners en college kan in dit geval niet korter! In andere gevallen is het misschien niet iets wat de portefeuille van uw wijkwethouder betreft. De wijkwethouder kan uw tips of informatie dan wel overbrengen bij de betreffende portefeuillehouder.

De relatie tussen de wijkwethouder en de portefeuillehouder is afgesproken in het college. De wijkwethouder neemt niet de plaats in van de portefeuillehouder. De portefeuillehouder kan bij belangrijke inhoudelijk thema’s natuurlijk wel gebruik maken van de kennis van de wijkwethouder.

Wij willen starten met een wijkwethouder voor Soesterberg. Als dit de verwachte resultaten heeft breiden we het principe uit over de andere wijken van Soest.

Verduidelijking wat wordt bedoeld met “Dorpsvisie”

Een dorpsvisie is een richtinggevend document, opgesteld door bewoners, dat de gewenste toekomst, beleving en identiteit van een dorp vastlegt. Het vertaalt wensen en ideeën van de gemeenschap naar concrete doelen voor wonen, zorg en voorzieningen, en dient als basis voor overleg met de gemeente.

Wat houdt het maken van een dorpsvisie in?

  • Doel: Het behouden of versterken van de beleving en het karakter van het dorp, vaak ter voorbereiding op omgevingsplannen of gemeentelijk beleid.
  • Proces: Bewoners, verenigingen en andere belanghebbenden inventariseren knelpunten en ambities.
  • Inhoud: Visie op ruimtelijke ordening wonen, voorzieningen, zorg en groen, vaak vertaald in een actieplan.
  • Resultaat: Een gedragen integraal document dat richting geeft aan de toekomst en fungeert als gezichtspunt richting gemeente en provincie.

Stappen voor het maken van een dorpsvisie:

  1. Organisatie: Vorm een werkgroep van betrokken bewoners.
  2. Participatie: Organiseer bijeenkomsten, enquêtes of inloopavonden om ideeën op te halen.
  3. Analyse: Breng kwaliteiten, knelpunten en trends (bijv. vergrijzing, woningnood) in kaart.
  4. Visievorming: Formuleer gezamenlijke ambities en prioriteiten.
  5. Actieplan: Vertaal de visie naar concrete, haalbare projecten.
  6. Verankering: Presenteer de visie aan het dorp en de gemeente.

Een dorpsvisie is essentieel voor het behoud van de lokale identiteit en zorgt voor een sterkere positie in samenwerking en besluitvorming.

 

Verduidelijking wat wordt bedoeld met ‘voorzieningen’

Gemeenten bieden diverse voorzieningen voor sport en cultuur, vaak gericht op deelname door mensen met een laag inkomen. Belangrijke regelingen zijn het Jeugdfonds Sport & Cultuur (voor contributie en materiaal tot 18 jaar) en het Volwassenenfonds Sport & Cultuur (voor 18+). Daarnaast faciliteren ze vaak met buurtsportcoaches, sportspullenbanken en subsidies voor accommodaties.

Belangrijke Voorzieningen en Regelingen:

  • Jeugdfonds Sport & Cultuur: Vergoedt contributie en materiaal voor sport, muziek, dans of theater voor kinderen uit gezinnen met minder geld.
  • Volwassenenfonds Sport & Cultuur: Betaalt het lesgeld/contributie voor volwassenen die rond het bestaansminimum leven.
  • Lokale regelingen: Veel gemeenten hebben een ‘Kindpakket’, ‘Activeringsregeling’ of een stadspas waarmee activiteiten (zoals zwemles, bibliotheek, musea) (gratis) toegankelijk zijn.
  • Sportspullenbanken/Beweegcoaches: Ondersteuning bij het vinden van geschikte activiteiten en het verkrijgen van materialen.
  • Subsidies: Ondersteuning voor verenigingen, waaronder de BOSA-subsidie voor bouw en onderhoud van sportaccommodaties.
  • Aanvragen voor deze fondsen verlopen vaak via een intermediair zoals een school, buurtsportcoach of maatschappelijk werker. Kijk op de website van de betreffende gemeente voor de specifieke mogelijkheden.