Bijeenkomst Voorkeurbeslissing
Luchtruimherziening (4e Aanvliegroute Schiphol)

Bijeenkomst Voorkeurbeslissing Luchtruimherziening (4e Aanvliegroute Schiphol)Op vrijdag 6 juni was Gemeentebelangen Groen Soest aanwezig in het provinciehuis te Utrecht. Ontwerpers en voorstanders van de Vierde Vliegroute, waar onder Jon Eikelenstam (programmadirecteur luchtruimherziening Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat), gaven tekst en uitleg, terwijl na de pauze de tegenstanders (Kerngroep Stop4deroute, Lenneke Kok en Peter van Tienen) het woord kregen. Er was ruim gelegenheid om vragen te stellen aan alle partijen.

Voorzitter en geluid

Als voorzitter fungeerde onze eigen Soester ‘debat-dame’ Elisabeth van den Hoogen, die de discussie op prettige wijze helder hield. Spijtig was dat de verstaanbaarheid van de sprekers werd getorpedeerd door een werkelijk erbarmelijke geluidsinstallatie. Mijn haar is grijs, maar mijn gehoord is uitmuntend. Daar lag het niet aan. Het waren weer de standaardfouten: microfoon met verkeerde richtkarakteristiek, te veel laag, te weinig hoog en geen akoestische demping op wanden, vloer en plafond. Jammer! Later werd er wat aan de knoppen gemorreld en vlogen we door de decibellen bijna de zaal uit. Een voorbode van de 4e route?

De 4e route, waarom de herziening gebruik luchtruim?

De 4e aanvliegroute Schiphol is een onderdeel van de herziening gebruik luchtruim. Bij veel inwoners van de provincie Utrecht leeft de angst dat de 4e route – die vermoedelijk over een groot deel van onze provincie komt te liggen – allerhande overlast gaat veroorzaken.

Doel van de herziening gebruik luchtruim is: meer efficiënte benadering van Schiphol door inkomende vluchten. Dit door gelijkmatiger aan te vliegen (zowel in daling als in het aantal eenheden per uur), de route korter te maken (minder uitstoot) en langer hoger te vliegen (minder geluidshinder, zo lang mogelijk boven de kritische 1800 meter grens). Dit kan worden bereikt door Schiphol meer logisch te benaderen (vanaf de richting herkomst), waardoor er minder wordt omgevlogen. Dalen moet sneller, met minder verbruik van motorvermogen. Met een dergelijk efficiënter gebruik van het luchtruim kan 7 tot 8 % CO2 reductie worden bereikt, gepaard aan minder geluidsoverlast. Gevolg is wel: over de provincie Utrecht kunnen vooral in de middag meer vluchten komen; het verkeer uit het oosten dat nu een omweg maakt over het noorden.

Het betreft alleen de dalende vliegtuigen. Overigens betreffende de meeste klachten het vertrekkend verkeer. Dit stijgend verkeer zou – bij verbetering van de daalroutes – ook efficiënter kunnen worden geregeld (meer direct op de route van de bestemming).

Militaire luchtvaart

Boven de noordelijke provincies moet het luchtruim openblijven voor oefeningen van de luchtmacht. Hierbij wordt laag gevlogen. De nieuwe gevechtsvliegtuigen, de Lockheed Martin F-35 Lightning II, vragen overigens ook om meer manoeuvreerruimte.

Nieuwe luchtroutes burgerluchtvaart

Het ontwerp voor de nieuwe aanvliegroutes Schiphol wordt verwacht in het 4e kwartaal van 2023. Na de nodige studie en wijziging, o.a. i.v.m. gebiedsadviezen (Natura 2000, wijziging grondgebruik door energie opwek, etc.), wordt de implementatie verwacht rondom 2030. Men is hierbij ook afhankelijk van het buitenland. Er zijn op dit moment nog geen veranderingen in de routes toegepast. Die verdenking leeft, maar wijzigingen in aanvliegroutes hebben – zoals vanouds – te maken met de windrichting. Bij voorkeur wordt tegen de wind in geland i.v.m. een hoge ‘airspeed’ gekoppeld aan een relatief lage ‘groundspeed’.

Groei Schiphol

Expliciet wordt gesteld dat de nieuwe aanvliegroutes niet tot doel hebben verdere groei Schiphol mogelijk te maken. De vertegenwoordigers van het ministerie benadrukken dat de verhoging van de efficiëntie los staat van de ‘minder vliegen discussie’. Ten opzichte van het aantal vliegbewegingen is met een efficiënter gebruik van het luchtruim altijd (milieu)winst te behalen.

Kerngroep Stop4deroute

Tegen de laatstgenoemde punten weert zich de Kerngroep Stop4deroute. In de Plan Milieu Effect Rapportage, pagina 96, waar duidelijk wordt gesteld dat het doel wel degelijk ligt bij capaciteitsgroei van de luchtvaart. Het streven is: in 2030 800.000 vliegbewegingen, dat is elke 3 minuten een vliegtuig. De milieuwinst van efficiënter aanvliegen wordt bestreden. Deze wordt tenietgedaan door een toename in het luchtverkeer. De vermelde reductie CO2 is ook flatterend, aangezien nu hoger wordt gevlogen en daar zijn de effecten van uitstoot ernstiger.

Daarbij is Schiphol – alles in ogenschouw genomen – voor Nederland negatief. De situering van zo’n luchthaven in een dichtbevolkt gebied is onwenselijk. Schiphol levert vervuiling door o.a. benzeen, formaldehyde en kankerverwekkend fijnstof, afname van natuur- en recreatiewaarde en draagt bij aan de klimaatverandering.

Voor de provincie Utrecht zou een aanvliegroute het effect opleveren zoals nu het geval is bij de route over Lelystad. Het regent klachten. De vliegtuigen zitten op 1500 meter hoogte en veroorzaken een geluidsoverlast van 50/55 dB. Dat lijkt weinig (te vergelijken met een auto met draaiende motor op 20 meter afstand) maar is, 100x per dag 20 seconden lang, gekmakend.

Krimp van het luchtverkeer is de enige oplossing. Dit kan worden bereikt door verbetering van de alternatieven. Dat zal niet duurzame luchtvaart zijn, de ontwikkeling daarvan zal nog te lang duren. Het kan ten dele gevonden worden in de hogesnelheidstrein. De concurrentie is nu oneerlijk. Vliegen is te goedkoop. Er wordt geen belasting betaald op kerosine. Verder zou het loslaten van de ‘hub-functie’ door Schiphol verbetering brengen. Dit transitverkeer (overstappen) is verantwoordelijk voor 40% van de vliegbewegingen. Het veroorzaakt dubbele overlast want het praktisch effect van de overstap is één extra daling en één extra stijging, tegen géén bezoek aan ons land.

Oproep tot actie

Kerngroep Stop4deroute roept de overheid op Schiphol te behandelen als een normaal bedrijf. Geen fluwelen handschoentjes meer uit hoofde van economie of ‘nationale trots’, oog hebben voor gezondheid, natuur en klimaat. De kerngroep is zeer actief. Op de dag zelf werd geprotesteerd voor het provinciehuis en inmiddels zijn 40.000 handtekeningen tegen de 4e route verzameld. Deze worden op 27 juni aangeboden aan de 2e Kamer. Men hoopt er op dat discussie over gebruik van het luchtruim gekoppeld kan worden aan een discussie over de groei van Schiphol. In vele gemeenten zijn inmiddels moties aangenomen waaruit scepsis jegens de 4e aanvliegroute blijkt.

Motie in de gemeenteraad van Soest

In de besluitvormende raadsvergadering van 20 april 2023 is een motie aangenomen waarin het college wordt opgeroepen om de samenwerking met de regio te blijven zoeken en zich te verzetten tegen de negatieve gevolgen van de vierde aanvliegroute over ons gebied. Hiermee neemt Soest plaats in de rij van andere gemeenten die eveneens een dergelijk geluid lieten horen. GGS heeft uiteraard voor deze motie gestemd. Overigens deelde wethouder Treep mede dat in feite al uitvoering wordt gegeven aan de motie.

Nabeschouwing: Economie

Tot zover een beknopt overzicht van de informatie en de standpunten. Ook nog even een persoonlijke noot: de bijdrage van Schiphol aan het Bruto Nationaal Product is ongeveer 1,5%. Dat is nauwelijks essentieel te noemen. Wat wel een punt is: krimp van de luchtvaart zal tot banenverlies in de regio Haarlemmermeer/Amsterdam leiden. Hoe erg is dat? De klassieke economen, die beweerden dat de geldkringloop in principe gesloten is, hadden wel een beetje gelijk. Geld dat niet aan het één kan worden uitgegeven wordt gewoon aan iets anders besteed. Dus in andere sectoren zal groei plaatsvinden waarmee wellicht het banenverlies – tenminste ten dele – wordt gecompenseerd. In de klassieke vervoerseconomie werden vervoersbewegingen, zeker waar het goederen betrof, als negatief beschouwd. Per slot van rekening leidde dit tot verhoogde maatschappelijke kosten. De ordening van productie en consumptie moest zo veel mogelijk op korte afstand van elkaar staan. Tegenwoordig wordt juist het opwekken van behoefte (consumptie, waaronder ook vervoer gerekend mag worden) als een motor van de economie gezien. Het creëren van vraag, bijvoorbeeld door het aanbieden van vervoersmogelijkheden tegen een lage prijs, wordt gezien als een goed verdienmodel. Daarbij laat men de gevolgen voor het milieu nog te vaak buiten beschouwing. Schiphol en de megalomane ambities is er een voorbeeld van. Het is niet meer van deze tijd. Zelf kunt u ook wat doen: plan uw vakantie dichter bij huis en koop regionaal geproduceerd voedsel.

Meer informatie: 

https://www.algemenebestuursdienst.nl/actueel/nieuws/2021/07/13/jon-eikelenstam-programmadirecteur-luchtruimherziening-bij-ienw

https://www.biltschecourant.nl/lokaal/maatschappelijk/890608/hangt-regio-zuidoost-utrecht-een-vierde-aanvliegroute-schiphol-

https://www.denieuwsbode.nl/lokaal/verkeer-en-vervoer/899924/vierde-aanvliegroute-schiphol-levert-veel-hinder-op-voor-utrech

https://www.nporadio1.nl/fragmenten/dijkstra-en-evenblij-ter-plekke/6a898745-a411-490d-b074-d7d44917b2c5/2023-02-26-grote-zorgen-over-mogelijke-aanvliegroute-over-de-utrechtse-heuvelrug

https://utrechtseheuvelrug.partijvoordedieren.nl/nieuws/paul-blom-over-vierde-aanvliegroute-van-schiphol-bij-dijkstra-en-evenblij-ter-plekke-op-npo-1

https://www.stop4deroute.nl

Tim de Wolf Handtekening

Tim de Wolf

Raadslid (Tel: 035 – 602 67 61)

Natuur en Milieu – Verkeer en Vervoer – Bestuurlijke taken

Verduidelijking wat wordt bedoeld met ‘Winkelaanbod’

Normen voor winkelaanbod in Nederland omvatten wettelijke regels voor winkels.

Belangrijkste normen en richtlijnen:

  • Winkeltijdenwet: Openingstijden: winkels zijn in principe gesloten op zon- en feestdagen en tussen 22.00 en 6.00 uur. Gemeenten kunnen hierop uitzonderingen maken via een verordening.
  • Product- en verkoopregels: Productveiligheid: ondernemers moeten voldoen aan regels van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) voor etikettering en productveiligheid. Daarnaast geldt een informatieplicht over prijzen, garantie en productkenmerken.
  • Huisregels: Winkeliers mogen eigen huisregels opstellen, zoals een verbod op eten/drinken, verplichte mandjes, of tassencontroles.
  • Veiligheid: Het is essentieel dat de winkel veilig is ingericht en, indien noodzakelijk, ruimte biedt voor 1,5 meter afstand. Voor horeca zijn andere richtlijnen vastgesteld.
  • Online aanbod: Webshops moeten voldoen aan vermelding van KvK-nummer, btw-nummer en een fysiek adres.

Om rekening mee te houden in de toekomst

  • De winkelgebieden in onze gemeente worden goed bezocht voor zowel de dagelijkse boodschappen als meer uitzonderlijke aankomen (winkelen). Van onze inwoners winkelen de meeste mensen bij Winkelpromenade Soestdijk (53%) en Soest-Zuid (38%), gevolgd door online winkelen (33%);
  • Onze inwoners winkelen minder vaak regionaal. Respectievelijk 18 en 7 % winkelt in Amersfoort en Utrecht;
  • De inwoners van Soest en Soesterberg gaan voornamelijk met de auto naar de winkelgebieden;
  • Gratis parkeren is een belangrijk aspect voor het kiezen van een winkelgebied in onze gemeente;
  • Parkeren/parkeernorm zijn vaak een belemmering voor nieuwe ontwikkelingen (vergroting winkelaanbod);
  • In Winkelpromenade Soestdijk is er een tekort aan parkeerplaatsen. In Soest-Zuid en de Rademakerstraat is de parkeerdruk minder hoog;
  • Er is een gebrek in alle winkelgebieden aan openbare toiletvoorzieningen;
  • Supermarkten blijven de trekkers voor alle winkelgebieden in Soest. Nieuwe (concurrerende) supermarkten verhogen de aantrekkingskracht van de winkelgebieden.
  • ‘Pick-up points’ (voor ‘online’ gekochte producten) in- of bij bestaande winkelcentra en supermarktlocaties stimuleren combinatiebezoek en leiden daarmee tot meer omzet voor de plaatselijke winkels.

Verduidelijking wat wordt bedoeld met ‘Wijkwethouders”

De (vier) wethouders van Soest krijgen naast hun portefeuilles (zoals bijvoorbeeld wonen, verkeer en ruimtelijke ordening) ook wijken van Soest en Soesterberg toebedeeld. Voor deze wijken zijn zij de ‘wijkwethouder’. Zij vormen een direct aanspreekpunt voor de inwoners van deze wijk met het college van Burgemeester en Wethouders.

Wijkwethouders gaan samen met u de wijk in tijdens een wijkschouw en zijn bij evenementen of andere gebeurtenissen in uw wijk.

Inwoners kunnen met vragen en ideeën bij hun wijkwethouder terecht.

U kunt met alle onderwerpen en ideeën over uw wijk terecht bij uw wijkwethouder. In sommige gevallen kan dit een onderwerp zijn wat ook in de portefeuille van uw (wijk)wethouder valt. Het lijntje tussen inwoners en college kan in dit geval niet korter! In andere gevallen is het misschien niet iets wat de portefeuille van uw wijkwethouder betreft. De wijkwethouder kan uw tips of informatie dan wel overbrengen bij de betreffende portefeuillehouder.

De relatie tussen de wijkwethouder en de portefeuillehouder is afgesproken in het college. De wijkwethouder neemt niet de plaats in van de portefeuillehouder. De portefeuillehouder kan bij belangrijke inhoudelijk thema’s natuurlijk wel gebruik maken van de kennis van de wijkwethouder.

Wij willen starten met een wijkwethouder voor Soesterberg. Als dit de verwachte resultaten heeft breiden we het principe uit over de andere wijken van Soest.

Verduidelijking wat wordt bedoeld met “Dorpsvisie”

Een dorpsvisie is een richtinggevend document, opgesteld door bewoners, dat de gewenste toekomst, beleving en identiteit van een dorp vastlegt. Het vertaalt wensen en ideeën van de gemeenschap naar concrete doelen voor wonen, zorg en voorzieningen, en dient als basis voor overleg met de gemeente.

Wat houdt het maken van een dorpsvisie in?

  • Doel: Het behouden of versterken van de beleving en het karakter van het dorp, vaak ter voorbereiding op omgevingsplannen of gemeentelijk beleid.
  • Proces: Bewoners, verenigingen en andere belanghebbenden inventariseren knelpunten en ambities.
  • Inhoud: Visie op ruimtelijke ordening wonen, voorzieningen, zorg en groen, vaak vertaald in een actieplan.
  • Resultaat: Een gedragen integraal document dat richting geeft aan de toekomst en fungeert als gezichtspunt richting gemeente en provincie.

Stappen voor het maken van een dorpsvisie:

  1. Organisatie: Vorm een werkgroep van betrokken bewoners.
  2. Participatie: Organiseer bijeenkomsten, enquêtes of inloopavonden om ideeën op te halen.
  3. Analyse: Breng kwaliteiten, knelpunten en trends (bijv. vergrijzing, woningnood) in kaart.
  4. Visievorming: Formuleer gezamenlijke ambities en prioriteiten.
  5. Actieplan: Vertaal de visie naar concrete, haalbare projecten.
  6. Verankering: Presenteer de visie aan het dorp en de gemeente.

Een dorpsvisie is essentieel voor het behoud van de lokale identiteit en zorgt voor een sterkere positie in samenwerking en besluitvorming.

 

Verduidelijking wat wordt bedoeld met ‘voorzieningen’

Gemeenten bieden diverse voorzieningen voor sport en cultuur, vaak gericht op deelname door mensen met een laag inkomen. Belangrijke regelingen zijn het Jeugdfonds Sport & Cultuur (voor contributie en materiaal tot 18 jaar) en het Volwassenenfonds Sport & Cultuur (voor 18+). Daarnaast faciliteren ze vaak met buurtsportcoaches, sportspullenbanken en subsidies voor accommodaties.

Belangrijke Voorzieningen en Regelingen:

  • Jeugdfonds Sport & Cultuur: Vergoedt contributie en materiaal voor sport, muziek, dans of theater voor kinderen uit gezinnen met minder geld.
  • Volwassenenfonds Sport & Cultuur: Betaalt het lesgeld/contributie voor volwassenen die rond het bestaansminimum leven.
  • Lokale regelingen: Veel gemeenten hebben een ‘Kindpakket’, ‘Activeringsregeling’ of een stadspas waarmee activiteiten (zoals zwemles, bibliotheek, musea) (gratis) toegankelijk zijn.
  • Sportspullenbanken/Beweegcoaches: Ondersteuning bij het vinden van geschikte activiteiten en het verkrijgen van materialen.
  • Subsidies: Ondersteuning voor verenigingen, waaronder de BOSA-subsidie voor bouw en onderhoud van sportaccommodaties.
  • Aanvragen voor deze fondsen verlopen vaak via een intermediair zoals een school, buurtsportcoach of maatschappelijk werker. Kijk op de website van de betreffende gemeente voor de specifieke mogelijkheden.