Naar de provincie om te bouwen
in de randen van Soest

Naar de provincie om te bouwen in de randen van SoestDe gemeenteraad wordt op 4 december a.s. gevraagd om potentiële locaties aan te wijzen die mogelijk na 2030 voor woningbouw beschikbaar. Als de raad kan instemmen met deze locaties, dan moet de gemeente Soest gesprekken starten met de provincie Utrecht voor toestemming om daar te mogen bouwen. De betreffende locaties liggen namelijk buiten de zogenaamde rode contour die door de provincie is vastgesteld.

Bij de Omgevingsvisie Soest en Soesterberg is bepaald dat er op zoek moet worden gegaan naar woningbouwlocaties. Het proces om tot deze locaties te komen moet transparant zijn, en participatie moet onderdeel uitmaken van het proces. 

De raad heeft verzocht om op basis van een integrale analyse en beoordeling op functionaliteit en kwaliteit te komen met een advies welke locatie(s) de meeste potentie hebben om woningbouw op te ontwikkelen. Zoals vastgelegd in het coalitieakkoord gaat het om woningbouw na 2030 in de zogenaamde ‘rafelranden’.

Volgens het raadskader worden deze als volgt geduid:

  • Grenzend aan bestaande bebouwing en buiten de rode contour;
  • Rafelranden in hele gemeente Soest;
  • Ecologisch: kwaliteit in combinaties met functie;
  • Wegenstructuur: geen aanpassing aan de hoofdwegstructuur;
  • Dichtbij voorzieningen en openbaar vervoer: nabijheid, STOMP – principe;
  • Behoud open karakter polder: bouwen wel mogelijk onder voorwaarde dat de zichtlijnen behouden bllijven.

Bouwen voor eigen behoefte

In de Omgevingsvisie staat dat de gemeente tussen de 125 en 200 woningen per jaar moet bouwen. Uit het woningmarktonderzoek dat in 2023 is uitgevoerd, blijkt dat er in de periode 2030-2040 behoefte is aan 1900 nieuwe woningen. Als dit aantal te realiseren oningen na 2030 allemaal binnenstedelijk gerealiseerd zou gaan worden, dan gaat dit ten koste van de kernwaarden dorps, groen en vitaal. Voor de periode 2030-2040 ligt er al een groot aantal plannen (ca. 1500 woningen), waardoor het met de huidige inzichten voldoende is om voor de periode na 2030 twee rafelranden aan te wijzen voor potentiële woningbouwontwikkeling.

Op basis van de hierboven genoemde opdracht wordt geadviseerd om de locaties Inspecteur Schreuderlaan-Stadhouderslaan en Stadhouderslaan-Korte Brinkweg, spoor aan te wijzen als potentiële locaties. Om op de locaties te mogen bouwen, is instemming nodig van de Provincie Utrecht. De locaties liggen immers buiten de rode contouren. Over het aantal te realiseren woningen per rafelrand kan nog geen uitspraak worden gedaan. Dit, omdat er geen daadwerkelijk plan is ontwikkeld. Dat laatste gebeurt namelijk pas indien er toestemming komt om te ontwikkelen. De initiatieven om woningbouw te ontwikkelen op deze locaties, komen te zijner tijd van de eigenaren van de gronden en hun projectontwikkelaars. Heel belangrijk hierbij is, dat bij op het moment dat er een daadwerkelijk bouwplan komt, alle onderzoeken rondom flora en fauna, archeologie, waterbeheer e.d. plaats dienen vinden. Evenals de onderzoeken voor wat betreft netcongestie, de energietransitie en klimaatadaptatie.

GGS standpunt

Onze partij is altijd tegen bouwen in de buitenruimte geweest, maar kan niet de ogen sluiten voor de toekomstige behoefte aan woningen in Soest. Wij hebben altijd weerstand kunnen bieden aan de vele partijen die voorstelden om aan de rode contour te knabbelen. Echter, onze jongeren hebben woningen nodig, en ook de groeiende groep Soester ouderen heeft straks behoefte aan passende woonruimte op een voor hen geschikte locatie in de nabijheid van voorzieningen.

Voorwaarde voor GGS blijft wel dat het waardevolle, open poldergebied behouden blijft en niet versnipperd wordt! De Gooi- en Eemlande vatte dit samen in de kop boven een artikel over dit onderwerp: ‘Soest wil verbod op bouwen in buitengebied van tafel, maar de polder is en blijft heilig’.

Link: Inbreng GGS tijdens de OORDEELSVORMENDE vergadering van 21 november 2024
Link: Schriftelijke vragen van GGS en reactie van het college van B&W.

Jan-Paauw Handtekening

Jan Paauw

Fractievoorzitter (Tel: 06 – 206 671 56)

Aandachtsgebieden: Financiën – Economie – Bestuurlijke taken – Wonen – Ruimtelijke Ordening

Verduidelijking wat wordt bedoeld met ‘Winkelaanbod’

Normen voor winkelaanbod in Nederland omvatten wettelijke regels voor winkels.

Belangrijkste normen en richtlijnen:

  • Winkeltijdenwet: Openingstijden: winkels zijn in principe gesloten op zon- en feestdagen en tussen 22.00 en 6.00 uur. Gemeenten kunnen hierop uitzonderingen maken via een verordening.
  • Product- en verkoopregels: Productveiligheid: ondernemers moeten voldoen aan regels van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) voor etikettering en productveiligheid. Daarnaast geldt een informatieplicht over prijzen, garantie en productkenmerken.
  • Huisregels: Winkeliers mogen eigen huisregels opstellen, zoals een verbod op eten/drinken, verplichte mandjes, of tassencontroles.
  • Veiligheid: Het is essentieel dat de winkel veilig is ingericht en, indien noodzakelijk, ruimte biedt voor 1,5 meter afstand. Voor horeca zijn andere richtlijnen vastgesteld.
  • Online aanbod: Webshops moeten voldoen aan vermelding van KvK-nummer, btw-nummer en een fysiek adres.

Om rekening mee te houden in de toekomst

  • De winkelgebieden in onze gemeente worden goed bezocht voor zowel de dagelijkse boodschappen als meer uitzonderlijke aankomen (winkelen). Van onze inwoners winkelen de meeste mensen bij Winkelpromenade Soestdijk (53%) en Soest-Zuid (38%), gevolgd door online winkelen (33%);
  • Onze inwoners winkelen minder vaak regionaal. Respectievelijk 18 en 7 % winkelt in Amersfoort en Utrecht;
  • De inwoners van Soest en Soesterberg gaan voornamelijk met de auto naar de winkelgebieden;
  • Gratis parkeren is een belangrijk aspect voor het kiezen van een winkelgebied in onze gemeente;
  • Parkeren/parkeernorm zijn vaak een belemmering voor nieuwe ontwikkelingen (vergroting winkelaanbod);
  • In Winkelpromenade Soestdijk is er een tekort aan parkeerplaatsen. In Soest-Zuid en de Rademakerstraat is de parkeerdruk minder hoog;
  • Er is een gebrek in alle winkelgebieden aan openbare toiletvoorzieningen;
  • Supermarkten blijven de trekkers voor alle winkelgebieden in Soest. Nieuwe (concurrerende) supermarkten verhogen de aantrekkingskracht van de winkelgebieden.
  • ‘Pick-up points’ (voor ‘online’ gekochte producten) in- of bij bestaande winkelcentra en supermarktlocaties stimuleren combinatiebezoek en leiden daarmee tot meer omzet voor de plaatselijke winkels.

Verduidelijking wat wordt bedoeld met ‘Wijkwethouders”

De (vier) wethouders van Soest krijgen naast hun portefeuilles (zoals bijvoorbeeld wonen, verkeer en ruimtelijke ordening) ook wijken van Soest en Soesterberg toebedeeld. Voor deze wijken zijn zij de ‘wijkwethouder’. Zij vormen een direct aanspreekpunt voor de inwoners van deze wijk met het college van Burgemeester en Wethouders.

Wijkwethouders gaan samen met u de wijk in tijdens een wijkschouw en zijn bij evenementen of andere gebeurtenissen in uw wijk.

Inwoners kunnen met vragen en ideeën bij hun wijkwethouder terecht.

U kunt met alle onderwerpen en ideeën over uw wijk terecht bij uw wijkwethouder. In sommige gevallen kan dit een onderwerp zijn wat ook in de portefeuille van uw (wijk)wethouder valt. Het lijntje tussen inwoners en college kan in dit geval niet korter! In andere gevallen is het misschien niet iets wat de portefeuille van uw wijkwethouder betreft. De wijkwethouder kan uw tips of informatie dan wel overbrengen bij de betreffende portefeuillehouder.

De relatie tussen de wijkwethouder en de portefeuillehouder is afgesproken in het college. De wijkwethouder neemt niet de plaats in van de portefeuillehouder. De portefeuillehouder kan bij belangrijke inhoudelijk thema’s natuurlijk wel gebruik maken van de kennis van de wijkwethouder.

Wij willen starten met een wijkwethouder voor Soesterberg. Als dit de verwachte resultaten heeft breiden we het principe uit over de andere wijken van Soest.

Verduidelijking wat wordt bedoeld met “Dorpsvisie”

Een dorpsvisie is een richtinggevend document, opgesteld door bewoners, dat de gewenste toekomst, beleving en identiteit van een dorp vastlegt. Het vertaalt wensen en ideeën van de gemeenschap naar concrete doelen voor wonen, zorg en voorzieningen, en dient als basis voor overleg met de gemeente.

Wat houdt het maken van een dorpsvisie in?

  • Doel: Het behouden of versterken van de beleving en het karakter van het dorp, vaak ter voorbereiding op omgevingsplannen of gemeentelijk beleid.
  • Proces: Bewoners, verenigingen en andere belanghebbenden inventariseren knelpunten en ambities.
  • Inhoud: Visie op ruimtelijke ordening wonen, voorzieningen, zorg en groen, vaak vertaald in een actieplan.
  • Resultaat: Een gedragen integraal document dat richting geeft aan de toekomst en fungeert als gezichtspunt richting gemeente en provincie.

Stappen voor het maken van een dorpsvisie:

  1. Organisatie: Vorm een werkgroep van betrokken bewoners.
  2. Participatie: Organiseer bijeenkomsten, enquêtes of inloopavonden om ideeën op te halen.
  3. Analyse: Breng kwaliteiten, knelpunten en trends (bijv. vergrijzing, woningnood) in kaart.
  4. Visievorming: Formuleer gezamenlijke ambities en prioriteiten.
  5. Actieplan: Vertaal de visie naar concrete, haalbare projecten.
  6. Verankering: Presenteer de visie aan het dorp en de gemeente.

Een dorpsvisie is essentieel voor het behoud van de lokale identiteit en zorgt voor een sterkere positie in samenwerking en besluitvorming.

 

Verduidelijking wat wordt bedoeld met ‘voorzieningen’

Gemeenten bieden diverse voorzieningen voor sport en cultuur, vaak gericht op deelname door mensen met een laag inkomen. Belangrijke regelingen zijn het Jeugdfonds Sport & Cultuur (voor contributie en materiaal tot 18 jaar) en het Volwassenenfonds Sport & Cultuur (voor 18+). Daarnaast faciliteren ze vaak met buurtsportcoaches, sportspullenbanken en subsidies voor accommodaties.

Belangrijke Voorzieningen en Regelingen:

  • Jeugdfonds Sport & Cultuur: Vergoedt contributie en materiaal voor sport, muziek, dans of theater voor kinderen uit gezinnen met minder geld.
  • Volwassenenfonds Sport & Cultuur: Betaalt het lesgeld/contributie voor volwassenen die rond het bestaansminimum leven.
  • Lokale regelingen: Veel gemeenten hebben een ‘Kindpakket’, ‘Activeringsregeling’ of een stadspas waarmee activiteiten (zoals zwemles, bibliotheek, musea) (gratis) toegankelijk zijn.
  • Sportspullenbanken/Beweegcoaches: Ondersteuning bij het vinden van geschikte activiteiten en het verkrijgen van materialen.
  • Subsidies: Ondersteuning voor verenigingen, waaronder de BOSA-subsidie voor bouw en onderhoud van sportaccommodaties.
  • Aanvragen voor deze fondsen verlopen vaak via een intermediair zoals een school, buurtsportcoach of maatschappelijk werker. Kijk op de website van de betreffende gemeente voor de specifieke mogelijkheden.