Nadere uitwerking Wind in Soest

Op de raadsvergadering van 20 juni 2024 heeft de gemeenteraad van Soest ingestemd met het agendapunt ‘Nader uitwerking Wind in Soest’. Het raadsvoorstel behelsde een brief aan de Provincie Utrecht waarin kortweg gezegd, medewerking wordt toegezegd aan  onderzoek van de plannen om op de Vlasakkers vier, en langs de rijksweg A-28 zes windturbines te plaatsen.

RES

Deze plannen komen voort uit de RES, de Regionale Energie Strategie, waarin is bepaald dat wij in 2030 nationaal 35 terra-watt-uur (twh) aan duurzame elektriciteit op land gaan opwekken. Voor de Regio Amerfoort is het aandeel 0,5 twh., dit alles op weg naar  nagenoeg geen CO 2 -uitstoot meer in 2050. In een vrij omvangrijk participatietraject is de mening van de inwoners opgehaald hoe een en ander zou moeten worden opgezet. Hieruit zijn voor diverse vormen van energiewinning voorkeurslocaties naar voren gekomen. De provincie heeft vervolgens via een planMER (milieu-effect-rapportage) de mogelijkheid en wenselijkheid van de voorgestelde locaties voor windenergie onderzocht. Hierbij zijn de betreffende locaties – Vlasakkers en langs de A-28 – als geschikt naar voren gekomen. 

Plaatsing niet zeker.

Door instemming met het raadsvoorstel is geen besluit genomen over plaatsing. Het is niet anders dan de toezegging mee te werken aan onderzoek en participatie. Door deze garantie blijft de gemeente in overleg, en kan invloed op het project worden uitgeoefend. Dat  komt uiteraard onze inwoners ten goede. Zou niet zijn ingestemd, dan zou de provincie zelfstandig, zonder verdere consultatie van de regiogemeenten, de plannen ontwikkelen. Dan moet je passief afwachten wat er komt. Instemmen heeft dus juist onze invloed vergroot. Nader onderzoek en participatie volgt nu. Daar kan uit blijken dat plaatsing toch niet wenselijk is. Ook kan de reorganisatie bij defensie tot een andere bestemming van het gebied leiden, en daardoor plaatsing van windturbines verhinderen.

Noodzakelijk kwaad

Gemeentebelangen Groen Soest (GGS) is geen principieel voorstander van windturbines. Evenals partijen als D’66 en Groen Links zien ook wij ze als een noodzakelijk kwaad. Het is een tijdelijke oplossing in de weg om van fossiele brandstoffen af te komen. Naast zonnevelden is het een van de weinige opties. Andere vormen van energiewinning (geo- aqua- en riothermie) zijn de onderzoeks- of ontwikkelingsfase nog niet ontgroeid. Zonnevelden nemen veel ruimte in beslag. GGS is een groot voorstander van grootschalige zon op dak, maar dit stagneert door regelgeving en netcongestie. We hebben daarbij weinig tijd, we zien de gevolgen van klimaatverandering in de vorm van overstromingen en bosbranden over de gehele wereld. 

Windturbines hebben ongetwijfeld effect  op hun omgeving. In de discussie wordt dit vaak benadrukt, aangezien het – zoals vaak – juist de tegenstanders zijn die zich roeren. Zo produceren zijn (laagfrequent) geluid, kunnen zij een hinderlijke slagschaduw veroorzaken en verspreiden zij ongewenste stoffen in het milieu (met name Bisfenol A, een stof die door slijtage van de wieken loslaat). Ook zijn er twijfels omtrent de wijze waarop grondstoffen voor de bouw worden gewonnen en vragen zij een stevig fundament en een servicetoegangsweg, wat weer een (ten dele tijdelijke) belasting is voor de omgeving. Vogels, vleermuizen en insecten kunnen door de draaiende wieken worden gedood. 

Positief

Hier staat tegenover dat windturbines schone energie leveren. Het grootste model, met een tiphoogte van circa 230 meter, levert energie voor 7000 huishoudens. Zouden dus de turbines op de Vlasakkers en A28 worden gerealiseerd, dan zijn 70.000 huishoudens  hiermee gebaat, zonder uitstoot van CO 2 ! Daarmee zet de regio een flinke stap in de goede richting, al blijven uiteraard aanvullende energiebronnen nodig; het waait immers niet altijd. Verder kan een deel van de bezwaren technisch worden opgelost en kan door  verstandige plaatsing overlast voor de mens worden voorkomen, dan wel geminimaliseerd. Dit laatste vraagt een plaatsingsnorm (afstand tot bebouwing / geluidsbelasting etc.).

Moties

Door in te stemmen met het raadsvoorstel, dus meewerken aan onderzoek en opzet van dit project, worden juist ook de tegenstanders van windturbines op de Vlasakkers en langs de A-28 bediend. Nu blijft onze stem gehoord. Dit loopt via het college dat,  vertegenwoordigd door de wethouder, zitting heeft in de stuurgroep. Door middel van drie moties heeft GGS een aantal verzoeken meegegeven. Zaken die in het onderzoek en de ontwikkeling van het project extra aandacht dienen te krijgen. 

In de eerste GGS-motie is  bepleit dat er een verband moet komen tussen de mate van (waarschijnlijke) overlast en de mogelijkheid tot financiële participatie of – nader te bepalen – vormen van compensatie. Gebleken is dat het draagvlak voor windturbines hierdoor vergroot, en de klachten –  aangezien een deel werkt via de psyche – verminderen of zelfs verdwijnen. 

In de tweede GGS-motie is aandacht gevraagd voor natuurcompensatie. Op die wijze kan een verlies aan kwaliteit en diversiteit van de natuur, als gevolg van de (aanleg van) de windturbines,  worden voorkomen. Daarbij is verzocht deze compensatie liefst aansluitend op het betreffende gebied te doen, aangezien alleen dan populaties van bepaalde diersoorten de mogelijkheid hebben te verhuizen. 

In de derde GGS-motie is gesteld dat geen turbines  geplaatst moeten worden in de beoogde gebieden, voordat er een landelijke plaatsingsnorm is vast gesteld. Aangezien de ontwikkeling van de plannen wel moet kunnen voortgaan is gesteld dat hierbij dan moet worden uitgegaan van de strengste concept-norm. 

De moties zijn – evenals overigens andere moties en enige amendementen – overgenomen door het college. Toch zijn zij alsnog in stemming gebracht, dit om andere partijen de mogelijkheid te geven ze eventueel te blokkeren. GGS-motie één is unaniem aangenomen. De tweede motie vond alleen bezwaar bij het CDA, de derde motie (waarbij hoofdelijk werd gestemd) stuitte alleen op weerstand bij Jan Vrakking van Soest 2002. De heer Vrakking zag weinig in het vaststellen van een norm als deze toch zou kunnen worden overschreden. Een eigenaardig standpunt, aangezien juist een norm de basis biedt voor controle en toetsing, zoals dit ook in de motie werd benadrukt. Heb je geen norm, dan heb je niets.

De uiteindelijke stemming

Uiteindelijk is alleen door Partij Ons Soesterberg (POS) en de Christen Unie tegen het raadsvoorstel gestemd. POS stelt dat er in Soesterberg al te veel aan de orde is en ziet de amendementen en moties als ‘doekjes voor het bloeden’. De participatie is naar mening  van deze partij niet goed verlopen. De Christen Unie ziet te veel mitsen en maren en acht de plaatsing van het beoogde aantal nabij Soesterberg een oneerlijke verdeling. Hoe verder? Het is nu afwachten hoe er in de andere regiogemeenten met betrekking tot dit  onderwerp wordt gestemd. Dat zal de komende week blijken. Eén tegenstem kan roet in het eten gooien. Dan zal de provincie de regie nemen.

De raadsvergadering is te zien op: https://www.youtube.com/watch?v=tiUUVJbS13k 
De besluitvorming op: https://www.youtube.com/watch?v=a-tbImMUbj0 
De raadsstukken zijn te lezen op: https://soest.bestuurlijkeinformatie.nl/Agenda/Index/25dd7d78-278e-4549-9e79-6ac9c3675db5#355a2921-6a28-4117-9b61-072840425796

Verder lezen:
https://regionale-energiestrategie.nl/default.aspx
https://www.amersfoort.nl/de-regionale-energie-strategie
https://storymaps.arcgis.com/collections/a2f9c3b49080442fa80282e208da8fc6
https://www.destadamersfoort.nl/lokaal/duurzaamheid/1043161/amersfoort-wil-regionale-projecten-met-zon-en-windenergie-voo

Weteringe, Bert. Windhandel. De impact van grootschalige energieopwekking met windturbines. z.pl.: Obelisk Boeken, 2023.

Tim de Wolf Handtekening

Tim de Wolf

Raadslid (Tel: 035 – 602 67 61)

Natuur en Milieu – Verkeer en Vervoer – Bestuurlijke taken

Verduidelijking wat wordt bedoeld met ‘Winkelaanbod’

Normen voor winkelaanbod in Nederland omvatten wettelijke regels voor winkels.

Belangrijkste normen en richtlijnen:

  • Winkeltijdenwet: Openingstijden: winkels zijn in principe gesloten op zon- en feestdagen en tussen 22.00 en 6.00 uur. Gemeenten kunnen hierop uitzonderingen maken via een verordening.
  • Product- en verkoopregels: Productveiligheid: ondernemers moeten voldoen aan regels van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) voor etikettering en productveiligheid. Daarnaast geldt een informatieplicht over prijzen, garantie en productkenmerken.
  • Huisregels: Winkeliers mogen eigen huisregels opstellen, zoals een verbod op eten/drinken, verplichte mandjes, of tassencontroles.
  • Veiligheid: Het is essentieel dat de winkel veilig is ingericht en, indien noodzakelijk, ruimte biedt voor 1,5 meter afstand. Voor horeca zijn andere richtlijnen vastgesteld.
  • Online aanbod: Webshops moeten voldoen aan vermelding van KvK-nummer, btw-nummer en een fysiek adres.

Om rekening mee te houden in de toekomst

  • De winkelgebieden in onze gemeente worden goed bezocht voor zowel de dagelijkse boodschappen als meer uitzonderlijke aankomen (winkelen). Van onze inwoners winkelen de meeste mensen bij Winkelpromenade Soestdijk (53%) en Soest-Zuid (38%), gevolgd door online winkelen (33%);
  • Onze inwoners winkelen minder vaak regionaal. Respectievelijk 18 en 7 % winkelt in Amersfoort en Utrecht;
  • De inwoners van Soest en Soesterberg gaan voornamelijk met de auto naar de winkelgebieden;
  • Gratis parkeren is een belangrijk aspect voor het kiezen van een winkelgebied in onze gemeente;
  • Parkeren/parkeernorm zijn vaak een belemmering voor nieuwe ontwikkelingen (vergroting winkelaanbod);
  • In Winkelpromenade Soestdijk is er een tekort aan parkeerplaatsen. In Soest-Zuid en de Rademakerstraat is de parkeerdruk minder hoog;
  • Er is een gebrek in alle winkelgebieden aan openbare toiletvoorzieningen;
  • Supermarkten blijven de trekkers voor alle winkelgebieden in Soest. Nieuwe (concurrerende) supermarkten verhogen de aantrekkingskracht van de winkelgebieden.
  • ‘Pick-up points’ (voor ‘online’ gekochte producten) in- of bij bestaande winkelcentra en supermarktlocaties stimuleren combinatiebezoek en leiden daarmee tot meer omzet voor de plaatselijke winkels.

Verduidelijking wat wordt bedoeld met ‘Wijkwethouders”

De (vier) wethouders van Soest krijgen naast hun portefeuilles (zoals bijvoorbeeld wonen, verkeer en ruimtelijke ordening) ook wijken van Soest en Soesterberg toebedeeld. Voor deze wijken zijn zij de ‘wijkwethouder’. Zij vormen een direct aanspreekpunt voor de inwoners van deze wijk met het college van Burgemeester en Wethouders.

Wijkwethouders gaan samen met u de wijk in tijdens een wijkschouw en zijn bij evenementen of andere gebeurtenissen in uw wijk.

Inwoners kunnen met vragen en ideeën bij hun wijkwethouder terecht.

U kunt met alle onderwerpen en ideeën over uw wijk terecht bij uw wijkwethouder. In sommige gevallen kan dit een onderwerp zijn wat ook in de portefeuille van uw (wijk)wethouder valt. Het lijntje tussen inwoners en college kan in dit geval niet korter! In andere gevallen is het misschien niet iets wat de portefeuille van uw wijkwethouder betreft. De wijkwethouder kan uw tips of informatie dan wel overbrengen bij de betreffende portefeuillehouder.

De relatie tussen de wijkwethouder en de portefeuillehouder is afgesproken in het college. De wijkwethouder neemt niet de plaats in van de portefeuillehouder. De portefeuillehouder kan bij belangrijke inhoudelijk thema’s natuurlijk wel gebruik maken van de kennis van de wijkwethouder.

Wij willen starten met een wijkwethouder voor Soesterberg. Als dit de verwachte resultaten heeft breiden we het principe uit over de andere wijken van Soest.

Verduidelijking wat wordt bedoeld met “Dorpsvisie”

Een dorpsvisie is een richtinggevend document, opgesteld door bewoners, dat de gewenste toekomst, beleving en identiteit van een dorp vastlegt. Het vertaalt wensen en ideeën van de gemeenschap naar concrete doelen voor wonen, zorg en voorzieningen, en dient als basis voor overleg met de gemeente.

Wat houdt het maken van een dorpsvisie in?

  • Doel: Het behouden of versterken van de beleving en het karakter van het dorp, vaak ter voorbereiding op omgevingsplannen of gemeentelijk beleid.
  • Proces: Bewoners, verenigingen en andere belanghebbenden inventariseren knelpunten en ambities.
  • Inhoud: Visie op ruimtelijke ordening wonen, voorzieningen, zorg en groen, vaak vertaald in een actieplan.
  • Resultaat: Een gedragen integraal document dat richting geeft aan de toekomst en fungeert als gezichtspunt richting gemeente en provincie.

Stappen voor het maken van een dorpsvisie:

  1. Organisatie: Vorm een werkgroep van betrokken bewoners.
  2. Participatie: Organiseer bijeenkomsten, enquêtes of inloopavonden om ideeën op te halen.
  3. Analyse: Breng kwaliteiten, knelpunten en trends (bijv. vergrijzing, woningnood) in kaart.
  4. Visievorming: Formuleer gezamenlijke ambities en prioriteiten.
  5. Actieplan: Vertaal de visie naar concrete, haalbare projecten.
  6. Verankering: Presenteer de visie aan het dorp en de gemeente.

Een dorpsvisie is essentieel voor het behoud van de lokale identiteit en zorgt voor een sterkere positie in samenwerking en besluitvorming.

 

Verduidelijking wat wordt bedoeld met ‘voorzieningen’

Gemeenten bieden diverse voorzieningen voor sport en cultuur, vaak gericht op deelname door mensen met een laag inkomen. Belangrijke regelingen zijn het Jeugdfonds Sport & Cultuur (voor contributie en materiaal tot 18 jaar) en het Volwassenenfonds Sport & Cultuur (voor 18+). Daarnaast faciliteren ze vaak met buurtsportcoaches, sportspullenbanken en subsidies voor accommodaties.

Belangrijke Voorzieningen en Regelingen:

  • Jeugdfonds Sport & Cultuur: Vergoedt contributie en materiaal voor sport, muziek, dans of theater voor kinderen uit gezinnen met minder geld.
  • Volwassenenfonds Sport & Cultuur: Betaalt het lesgeld/contributie voor volwassenen die rond het bestaansminimum leven.
  • Lokale regelingen: Veel gemeenten hebben een ‘Kindpakket’, ‘Activeringsregeling’ of een stadspas waarmee activiteiten (zoals zwemles, bibliotheek, musea) (gratis) toegankelijk zijn.
  • Sportspullenbanken/Beweegcoaches: Ondersteuning bij het vinden van geschikte activiteiten en het verkrijgen van materialen.
  • Subsidies: Ondersteuning voor verenigingen, waaronder de BOSA-subsidie voor bouw en onderhoud van sportaccommodaties.
  • Aanvragen voor deze fondsen verlopen vaak via een intermediair zoals een school, buurtsportcoach of maatschappelijk werker. Kijk op de website van de betreffende gemeente voor de specifieke mogelijkheden.